![]() |
![]() |
|
||||||||||||||||||||
|
Het veranderen van lijden en illusie (uit: Basics of Buddhism, door Pat Allwright) Vertaling Karen de Groot "....de verlichting van de Boeddha vindt men in het menselijk leven en laat aldus zien dat gewone stervelingen Boeddhaschap kunnen bereiken en dat het lijden van geboorte en dood veranderd kan worden in nirvana." Shakyamuni, de historische oprichter van het Boeddhisme, werd als prins van
de Shakya stam geboren in het noorden van India. Het is niet bekend wanneer
hij is geboren, maar in het algemeen denkt men dat dit was tussen de 4de en
5de eeuw voor Christus. Hij scheen een gevoelige en filosofische jongeman te
zijn die, ook al werd hij omringd door luxe, zich niet kon verzoenen met alleen
een seculier leven. Terwijl dit verhaal zonder twijfel symbolisch is, vestigt het de aandacht op
de reden voor de geboorte van het Boeddhisme: de zoektocht naar een oplossing
voor het probleem van menselijk lijden. Natuurlijk is deze zoektocht niet alleen
beperkt tot het Boeddhisme; alle religies en filosofieën hebben het doel
om deze vraag te beantwoorden. Inderdaad zei Plato dat filosofie een oefening
is in het begrijpen van de dood. Het Boeddhisme onderwijst dat lijden wordt veroorzaakt door illusies, instinctieve
verlangens en negatieve impulsen die inherent zijn in het menselijk leven. Er
zijn veel omschrijvingen van, zo vergaand als 'illusies ontelbaar als stofdeeltjes
en zandkorrels'. In het Nederlands worden ze meestal gezamenlijk 'aardse verlangens'genoemd.
Echter, deze vertaling kan misleidend zijn, aangezien ze ook inhouden; haat,
arrogantie, inherent wantrouwen en angst, zowel als onverzadigbaar verlangen
en bevrediging voor korte tijd. Kortom, ze bestaan uit alles wat er voor zorgt
dat we fysiek of spiritueel lijden en ons belemmert in het bereiken van verlichting.
'Misleidende impulsen' is misschien een betere manier om zulke illusies te omschrijven,
die ons aanzetten tot het nemen van actie waar lijden uit voortvloeit. Zoals reeds eerder vermeld, streefden vroegere Boeddhistische leerstellingen
er naar om deze 'vergiften' uit te roeien. Dit is waarom zoveel mensen de indruk
hebben dat Boeddhisten een sober leven leiden. Maar de uitroeiing van instinctief
gedrag is uiteindelijk het ontkennen van het leven zelf. Instinctieve verlangens
naar voedsel, seks en slaap zijn allemaal nodig om het leven in stand te houden.
Verlangen is inderdaad de drijvende kracht achter beschaving. Dit proces wordt in het Boeddhisme van Nichiren Daishonin genoemd bonno soku
bodai. Misleidende impulsen (bonno) is gelijk aan (soku) verlichting (bodai).
Echter, 'is gelijk aan' is alleen maar een benadering van de ware betekenis
van soku. Soku betekent dat misleidende impulsen en Boeddhaschap onafscheidelijk
zijn, ze bestaan beiden in iedereen en dat de negatieve aspecten van zelfbedrog
(of waanvoorstelling) veranderd kunnen worden in verlichting. Op dezelfde manier,
'wordt het lijden onder geboorte en dood veranderd in nirvana'. We kunnen geen
verlichting bereiken buiten de realiteit van geboorte en dood. Het zijn illusies, instinctieve verlangens en negatieve impulsen die ons aanzetten tot het nemen van acties die er voor zorgen dat we gaan lijden. Dit lijden, wat we juist willen vermijden, is de brandstof die ons aanspoort om Nam-myoho-renge-kyo te chanten. Dit activeert onze Boeddha natuur van waaruit kwaliteiten als hoop en moed naar boven komen, wat ons in staat stelt om met ons eigen lijden om te gaan. Op zo'n moment wordt illusie veranderd in verlichting en manifesteert zichzelf als wijsheid, compassie en levenskracht. Een andere manier om er naar te kijken is dat het menselijk leven, vol lijden, in duisternis is gehuld, net alsof je in een donkere kamer bent. Om helder te kunnen zien is het alleen maar nodig om het licht aan te doen. De kamer is dezelfde plek, of het nou donker is of licht. Evenzo zijn onze levens, of ze nu misleid of verlicht zijn, in wezen hetzelfde. En ook heeft de kamer nog steeds de mogelijkheid om licht te zijn, hoe lang die ook maar donker is geweest. Maar we hebben nog steeds een manier nodig om licht op te wekken en we kunnen dit doen door Nam-myoho-renge-kyo te chanten. Gebruik makend van deze analogie zei Nichiren Daishonin: Alle mensen van de tien werelden kunnen Boeddhaschap bereiken. We kunnen dit begrijpen wanneer we ons herinneren dat men vuur kan maken met een steen die van de bodem van de rivier is opgepakt en dat een kaars een plek kan verlichten die voor miljoenen jaren donker is geweest. Als zelfs de meest gewone dingen van de wereld zulke wonderen zijn, hoeveel meer verwonderlijk dan is de kracht van de Mystieke Wet. (1) Daarom ontkennen we verlangen niet als we Nam-myoho-renge-kyo chanten. Als
we beginnen met de beoefening worden we inderdaad geadviseerd om te chanten
voor datgene wat we het meeste willen. Dit is omdat verlangen zo'n grote drijvende
kracht is dat het ons heel vurig doet beoefenen. En ook zijn onze fysieke behoeften
belangrijk voor ons welzijn. Dus als het ons grootste verlangen is om een baan
te krijgen, dat het heel natuurlijk in de voorgrond van onze gedachten zal zijn
terwijl we chanten. Door het reciteren wekken we hoop en wijsheid op om de goede
actie te ondernemen. Het resultaat is tweevoudig. Door de toename van wijsheid
en energie zien we een positief en tastbaar resultaat: vooruitgang op het werkvlak.
Echter, de ervaring van de kwaliteiten van de Boeddha natuur, die van binnen
ons naar boven komen, is nog heerlijker op de lange duur dan het tastbare resultaat.
Er zijn geen regels in het Boeddhisme van Nichiren Daishonin. Omdat we onbegrensde
wijsheid kunnen tonen door de beoefening, kunnen we elke situatie helder zien
en voor onszelf beslissen wat de beste handelswijze is. Als we, bijvoorbeeld,
een drankprobleem hebben wat veroorzaakt dat we zelf en anderen lijden, dan
zullen we de helderheid verwerven om dit te herkennen. Drinken is niet fout
op zichzelf. Alleen wanneer het verlangen om te drinken ons leven beheerst zal
het lijden veroorzaken. Dus we chanten over onze verlangens en krijgen de wijsheid
en vastberadenheid die nodig is om ze in de juiste verhouding te plaatsen. Ik geloof in het bestaan van een ander soort van menselijk verlangen: Ik noem het fundamenteel verlangen en ik geloof dat het die kracht is die actief alle andere menselijke verlangens voortstuwt in de richting van creativiteit. Het is de bron van alle bewegende energie inherent aanwezig in het leven; het is ook het verlangen ons leven met het leven van het universum te verenigen en om essentiële energie te halen uit het universum. Dit fundamentele verlangen draagt de hartslag (trilling) van het universele leven over naar alle menselijke emoties en veredelt zodoende hun aard. Dus, de diverse menselijke verlangens die worden opgewekt door menselijk leven stimuleren creativiteit terwijl ze in contact blijven met het fundamentele verlangen. (2) 1 The Major Writings van Nichiren Daishonin, Deel 1, blz. 223. This page was last modified on Sunday, August 20, 2006. |